Autisme test

Psycholoog Simon Baron-Cohen en zijn collega's van Cambridge Autism Research Centre's
hebben de Autisme-Spectrum Quotient, of AQ test gemaakt om te kunnen meten in welke mate er sprake is van autistische eigenschappen bij volwassenen.
In de eerste grote proef met behulp van de test, was de gemiddelde score in de controle groep 16,4.
Tachtig procent van de mensen met autisme gediagnosticeerd of een aanverwante stoornis scoorden 32 of hoger.
De test is niet bedoeld om zelf een diagnose te stellen.
Bovendien, velen die boven de 32 scoorden en die zelfs voldoen aan de diagnostische criteria voor autisme of Asperger hebben in het dageljks leven geen moeite normaal te functioneren.

Hoe doet u de test: voor elke vraag, antwoord u "Geheel mee eens", "Enigszins mee eens", "Helemaal oneens" of "Enigszins mee oneens".
  • 1. Ik geef de voorkeur om dingen samen met anderen te doen, in plaats van alleen.
  • 2. Ik geef er de voorkeur om dingen te doen steeds op dezelfde manier te doen.
  • 3. Als ik me iets probeer voor te stellen, vind ik het erg makkelijk om een beeld in mijn hoofd te creŽren.
  • 4. Ik word vaak zo door iets in beslag genomen, dat ik andere zaken uit het oog verlies.
  • 5. Ik hoor geluiden die anderen niet op schijnen te gallen.
  • 6. Autonummerborden of vergelijkbare informatie, sla ik makkelijk op.
  • 7. Andere mensen zeggen me vaak dat het onbeleefd is wat ik heb gezegd, terwijl ik zelf beleefd denk te zijn.
  • 8. Als ik een verhaal lees, kan ik gemakkelijk voorstellen hoe de personages eruit zien.
  • 9. Ik ben gefascineerd door data.
  • 10. In een sociale groep, kan ik gemakkelijk gesprekken van verschillende mensen bijhouden.
  • 11. Ik vind sociale situaties gemakkelijk.
  • 12. Ik ben geneigd om details te zien die anderen niet opmerken.
  • 13. Ik bezoek liever een bibliotheek dan een feest.
  • 14. Ik vind het gemakkelijk om verhalen te verzinnen.
  • 15. Ik voel me sterker aangetrokken tot mensen dan tot dingen.
  • 16. Ik neig ernaar zeer sterke interesses te hebben, en ik raak van streek als ik die niet kan naleven.
  • 17. Ik geniet van het praten over onzindingen.
  • 18. Als ik praat, kan een ander er niet makkelijk tussen komen.
  • 19. Ik ben gefascineerd door getallen.
  • 20. Als ik een verhaal lees, vind ik het moeilijk de onderliggende bedoeling van personages te begrijpen.
  • 21. Ik ben geen liefhebber van het lezen van fantasieverhalen
  • 22. Ik vind het moeilijk om nieuwe vrienden te maken.
  • 23. Ik zie overal patronen in, zowel in situaties als beelden.
  • 24. Ik ga liever naar het theater dan naar een museum.
  • 25. HIk raak niet van streek als mijn dagelijkse routine wordt verstoord.
  • 26. Ik weet weet niet hoe ik een gesprek gaande moet houden.
  • 27. Ik vind het makkelijk om "tussen de regels te lezen" als iemand met me praat.
  • 28. Ik ben meestal meer op het hele plaatje gericht, en niet zozeer op de kleine details.
  • 29. Ik ben niet erg goed in het onthouden van telefoonnummers.
  • 30. Ik merk meestal geen kleine veranderingen op, in een situatie of een persoon uiterlijk.
  • 31. Ik merk het wanneer iemand die naar me luistert, verveeld raakt.
  • 32. Ik vind het gemakkelijk om meer dan een ding tegelijk te doen.
  • 33. Als ik telefoneer, weet ik niet zeker wanneer het mijn beurt om te spreken.
  • 34. Ik geniet om dingen spontaante doen.
  • 35. Ik ben vaak de laatste die een grap begrijpt.
  • 36. Ik vind het makkelijk om erachter te komen wat iemand denkt of voelt alleen maar door naar hun gezicht te kijken.
  • 37. Na een onderbreking kan ik heel snel terugschakelen naar waar ik mee bezig was.
  • 38. Ik ben goed in sociaal geklets.
  • 39. Mensen vertellen me vaak dat ik maar door blijf gaan over hetzelfde onderwerp.
  • 40. Toen ik klein was, vond ik het leuk om Ďdoen-alsofí-spelletjes met andere kinderen te spelen.
  • 41. Ik vind het leuk om informatie te verzamelen over bepaalde categorieŽn van dingen (bijv. automerken, vogel-, trein-, plantensoorten, etc.)
  • 42. Ik vind het moeilijk om voor te stellen hoe het zou zijn om iemand anders te zijn.
  • 43. Ik plan zorgvuldig alle activiteiten waaraan ik deelneem.
  • 44. Ik geniet van sociale gebeurtenissen
  • 45. Ik vind het moeilijk de bedoeling van andere mensen te snappen.
  • 46. Nieuwe situaties maken me angstig.
  • 47. Ik vind het leuk nieuwe mensen te ontmoeten.
  • 48. Ik ben een goede diplomaat.
  • 49. Ik ben niet erg goed in het onthouden van data zoals verjaardagen.
  • 50. Ik vind het heel gemakkelijk om spelletjes te spelen met kinderen die doenalsof.
Hoe werkt de puntentelling?:
"Geheel mee eens" of enigszins mee eens" antwoorden op de vragen 1, 2, 4, 5, 6, 7, 9, 12, 13, 16, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 26, 33, 35, 39, 41, 42, 43, 45, 46 score 1 punt.
"geheel niet mee eens 'of' enigszins mee oneens" antwoorden op de vragen 3, 8, 10, 11, 14, 15, 17, 24, 25, 27, 28, 29, 30, 31, 32, 34, 36, 37, 38, 40, 44, 47, 48, 49, 50 score 1 punt. NB Aan bovenstaande lijst is geen definitieve beoordeling op autisme te ontlenen. Er zijn veel onderlinge verschillen mogelijk.